Trippel......trippel trippel
Gezeten op de bank om iets op de televisie te bekijken, hoorde ik zacht getrippel op de vloer. Vlak bij mijn voeten bevond zich een redelijk grote spin. Met mijn vinger richting het dier, probeerde ik aandacht te krijgen. De spin rende echter hard naar de andere kant van de kamer. Dat ging te snel om een foto te kunnen maken. Het zou heel goed een huisspin mannetje kunnen zijn geweest, op zoek naar een vrouwtje.
Spinnen zijn geen insecten, want die hebben zes poten en spinnen hebben er acht. Buiten, tijdens het fotograferen van insecten, kom ik natuurlijk ook spinnen tegen. Ze houden er uiteraard niet van om verstoord te worden en gaan er meestal vandoor. Zo had een van de grootste spinnen in Nederland, de tijger of wespspin, snel genoeg van mijn fototoestel en ging aan de wandel. Het prachtig gekleurde vrouwtje verliet haar web. Wat een indrukwekkend dier! Net als kruisspinnen behoort zij tot de wielwebspinnen die zulke fraaie weefsels maken.
Strekspinnen maken ook een web om prooi mee te vangen. Zij hebben een langgerekt lichaam en lange dunne poten. Vaak kun je ze met gestrekte poten bewegingsloos op een plant zien zitten. Dan zijn ze goed gecamoufleerd. Deze trippelde echter de weg over.
Een kraamwebspin vrouwtje spint een web in de vegetatie. Niet om prooi mee te vangen. Met snelle sprintjes grijpt ze haar prooi. Het web wordt een kraamkamer. Na de paring maakt ze een eicocon die ze onder zich vasthoudt. Wanneer de spinnetjes bijna uit gaan komen, maakt ze de cocon vast in de tentvormige web. Het vrouwtje let nog een poosje op de kleintjes tot ze zelf op jacht kunnen gaan.
De schorsmarpissa is een springspin en spint helemaal geen web. De ogen van het vrouwtje vallen op door de kleuren eromheen. Voor spinnen hebben ze zeer grote, sterk ontwikkelde voor- middenogen. Ik zie haar jagen tussen de klimop, op de stam van de blauwe regen en op het bijenhotel. Ze bespringt haar prooi en heeft zojuist een dambordvlieg te pakken. Ik kan nog net een foto maken voor ze ermee weg kruipt.
Een krabspin maakt ook geen web. De spin jaagt vanuit een hinderlaag, meestal vanaf een bloem. Wanneer een insect daarop landt, grijpt ze met de voorste lange poten de prooi. Een krachtig gif, neurotoxine, wordt ingespoten en verlamd direct het insect. De menselijke huid kunnen de kaken niet doorboren. De voorste lange poten worden zijwaarts gehouden, net als krabben kunnen doen. Krabspinnen zijn tamelijk honkvast. Kijk maar eens hoe deze niet van plan is weg te trippelen!
- auteur
- Lia Koster
- laatst gewijzigd op
- gepubliceerd op
- uri:urn:uuid
- 0b4d2574-765a-40d0-9c8c-a87d01b30f78








